Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Vanochtend zat ik voor het eerst sinds een paar maanden weer in de trein naar Delft. Dit keer niet om het vak Mondeling Presenteren te geven aan twee groepen eerstejaars studenten, nee, dit is een gevalletje level up: dit blok geef ik het vak Debattechniek aan twee groepen derdejaars studenten.

Het blok is vorige week al van start gegaan, maar toen had het coronavirus mij te pakken. Het eerste college gaf ik van achter mijn laptop. Dat was zeker niet ideaal, want het praten tegen je laptop zonder echt zeker te weten of er überhaupt iemand naar je luistert, dat is ook niet alles. Maar toch: het was tenminste nog veilig thuis.

in de trein

Ik zat dus in de trein, met een blok in mijn maag. Hoewel ik in september/oktober een periode heb lesgegeven en het spannendste eraf is, blijft het toch een dingetje. Gevoelens bekropen me als: waarom hebben ze eigenlijk het vertrouwen in mij dat ik zo’n college kan geven? Heb ik wel zoveel meer kennis als die derdejaars studenten die ik straks tegenover me heb? En: wat als ik straks door de mand val?

Deze gedachten, en vooral die laatste, blijken bekend te zijn en zelfs een naam te hebben: het imposter syndroom (of: het oplichterssyndroom). Ik las er toevallig over in het boek ‘Zeg het’ van Anouhk Sterken en luisterde er daarna ook nog een podcast over van CEO Chats, van The Souk Academy. Bij het imposter syndroom heb je het gevoel dat je je succes niet hebt verdiend en dat je ieder moment door de mand kan vallen. En wat blijkt nou uit onderzoek? Dat dit syndroom juist vaak wordt herkend bij de mensen met de beste competenties!

Dus ik heb mezelf daar in die trein goede moed ingepraat en ben weer over de drempel gestapt om dat college te geven. En om daarbij volledige zelfvertrouwen uit te stralen. Ik ben en blijf uiteindelijk de docent, ik ben degene waar ze naar moeten luisteren. Én niet geheel onbelangrijk: waar ze een voldoende bij moeten zien te halen.

Inmiddels zit ik in de trein terug naar huis en guess what? Ik leef nog! 😉 Ik heb verteld wat ik wilde vertellen, de studenten deden wat ze moesten doen, ik zou bijna willen zeggen dat ze dat zelfs met enthousiasme deden, ik beantwoordde al hun vragen zonder probleem en ze bedankten me en zeiden tot volgende week. Wat wil je als docent nog meer?!

Lesje voor mezelf: gewoon gaan. Je ziet vanzelf dat je het écht wel kunt. En ze hebben je die colleges echt niet voor niets toevertrouwd. En als je nou een keer een domme fout maakt? Dat is ook helemaal niet zo erg. Ook docenten zijn niet perfect.

Volgende week vervangen we de blok lekker voor een glimlach. Dan mag ik weer naar de mooie stad Delft om een aantal studenten te helpen bij het beter worden in debatteren. En het is hartstikke tof dat ik ze daarbij kan helpen.

Zo.

 

Kan ik jou helpen met teksten?

Vul dit formulier in en ik neem op korte termijn contact met jou op.

nl_NLNederlands